Ik fermenteer, jij fermenteert, wij fermenteren.

Jaren geleden ging ik naar een lezing over fermenteren. Bij het binnenkomen van de zaal lag een zakje met daarin een gefermenteerde wortel. Ik was gefascineerd. Door de wortel en al wat daar gezegd werd. Maar eerlijk? Ik vond die wortel niet lekker.

Fast Forward.

Een vriendin vraagt een paar weken geleden of we geen cursus fermenteren gaan volgen. Long story short: dat ging ons echt een serieuze koekenoot kosten en we hadden eigenlijk geen zin in ‘moeten’. We zijn dus onze eigen cursus begonnen. Om beurt zijn we lesgever en student. We schuimen blogs af en plunderen de bibliotheek. En mannekes, hebben wij ons al geamuseerd.

Bleef natuurlijk de vraag of ik dat allemaal wel zou lusten, die zure gefermenteerde boel.

LES 1: rode biet in vier smaken

De (julienne gesneden) bieten verdwenen in kleine potjes in vier smaakcombinaties:

  • met karwijzaad en look
  • met verse kurkuma, komijn en koriander
  • met kruidnagel, dragon en kardemom
  • met gember

Overgieten met zout water (4 el op 1 liter) en 5 dagen wachten!

De laatste beschimmelde (beschadigd dekseltje zo bleek later), maar de andere drie verdwenen hier in sneltempo in vele enthousiaste magen. De kinderen (3 en 5) maakten op een avond de eerste twee potjes soldaat. We weten niet goed of ze het echt heeeel erg lekker vonden. Bieten eten ze nog om een andere reden. Ze weten dat hun pipi de volgende dag roze kleurt als we bieten hebben gegeten en dat vinden ze enorm leuk. Maar toch, ze wouden meer. En dan nog meer. Mag ik nog wat, mama? 

Ons eerste experiment was dus geslaagd en we vonden dat we best een niveautje hoger konden schakelen. Daarom..

LES 2: Kimchi

Deze Koreaanse verwerking van Chinese kool spreekt mij al jaren tot de verbeelding. Het laten ‘rotten’ van een kool samen met chilipasta leek me tegelijk cool en walgelijk. Vorige week ging de kool in een pot. We hielden losjes rekening met twee recepten die we hadden gelezen vooraf: we namen wat shortcuts en we reduceerden de lepels chili. De volgende lessen werden geleerd:

  • ik kan dat aan, drie eetlepels chili
  • dat bruist en broebelt zoals kefir
  • een rottende pot kool maakt men niet open in de woonruimte, dat stinkt naar scheet (maar smaakt er gelukkig niet naar)
  • kimchipannenkoeken zijn da shit
  • dit is geen eten voor gevoelige (kinder)mondjes

Ik post het recept hier wanneer het helemaal op punt staat.

Onze pot kimchi staat bij mij ter bewaring en ik deel volgende les de helft met mijn partner in crime. Als ik nog de helft overhoud, want kijk, hij is al flink geslonken é.

DSC_8323

 

Advertenties
Geplaatst in Fermenteren, Groente, Veggie | Een reactie plaatsen

Harige boontjes

Deze vakantie zag ik op een Franse akker harige boontjes. En ik had geen idee wat het was. Nochtans levert ‘harige boontjes’ je in Google meteen het juiste antwoord. Maar op vakantie loop ik niet te googelen. We trokken naar huis en de boontjes waren uit het oog en uit het hart.

Vorige week stuurde mijn boer een mailtje. Dat de edamame-boontjes klaar waren om geplukt te worden. U kan al raden dat die peultjes behoorlijk harig waren en ik kortstondig terug geflitst werd naar dat Franse veld.

Thuis gingen de boontjes even kort in een pot kokend water en de geur was meteen die van een gezellig aperitiefmoment alvorens mijn zussen en ik een boot (vegetarische) sushi verorberen. Het enige wat die boontjes nog nodig hebben is wat zout op de peultjes zodat je bij elke peul waar je de boontjes uitknabbelt die heerlijke zilte toets krijgt.

Oh man. Heaven.

Geplaatst in Hapje, Veggie | Een reactie plaatsen

Libanese improvisatie

Feit 1: Als we bij de Libanees (slechte website, lekker eten) uit eten gaan is de geroosterde bloemkool een favoriet op tafel.
Feit 2: De bloemkolen van ’t veld zijn dit jaar zoooo gigantisch, dat wij er twee keer van kunnen eten. Leentje kookt maakte deze foto.

59301522_10216628992692119_1407229413010964480_o

1+1=2

Ik sneed de bloemkool in kleine roosjes, de stengels in blokjes. Die gingen de bakplaat op met mijn zelfgemaakte Libanese kruidenmengeling die ik pikte van Salma Hage. Ik schrijf het recept hier onderaan even op. Daarbij nog wat zout, peper en olijfolie en hoppa, 20 minuten de oven in op 220 graden tot de roosjes bruine kroezeltjes krijgen.

Wat eet een mens daarbij? Ik draaide snel in de blender een hummuske (blik kikkererwten, wat ras-el-hanout, sap van een halve citroen, flink wat olijfolie, zout en een dikke theelepel tahin), haalde de pitjes uit een vergeten granaatappel die ik vond in de koelkast en kookte bulghur in bouillon.

Een feestmaal met restjes. Gewoon doen!

Nog even de Libanese kruidenmengeling die ik in The Middle Eastern Vegetarian Cookbook haalde. Met deze ingrediënten maak je een potje waarmee je dan nadien rijkelijk kan strooien. Bij zelfgemaakte burgers, geroosterde groente (bij pompoen en bloemkool een waarlijke hit), … Kortom, als je wat diepte wil meegeven aan je eten.

  • 5 el gemalen piment
  • 3,5 el peper
  • 3,5 el gemalen kaneel
  • 5 el gemalen kruidnagel
  • 4 el geraspte nootmuskaat
  • 4 el gemalen fenegriek
  • 4 el gemalen gember

 

Geplaatst in Groente, Veggie | Tags: | Een reactie plaatsen

Zuurdesembrood of snelle pistoleekes

Op mijn aanrecht groeit het aantal pottekes gestaag. Het begon in oktober met mijn zuurdesemstarter (still alive and broebeling) en nu staan er ook kefirdrankjes met smaakexperimenten.

Al die dingen vangen wilde gisten in de lucht, fermenteren, eten suikers op, helpen je darmen, … Maar vooral: ze zijn lekker!

Mijn brood is zo’n voltreffer dat het heel de winter vaste kost werd. Zo’n brood vers uit de oven, nog warm, met wat echte boter is al snel ‘opgeproefd’.

Als het snel moet gaan, maak ik pistoleetjes. Dat leerde ik van de buurvrouw. Die moeten maar een minuutje of twintig in de oven en je hebt meer van die heerlijke korst!

DSC_6658

Wie iets af weet van zuurdesem (het internet wemelt van de recepten), vraagt zich misschien wel af welke verhoudingen ik gebruik.

Hier mijn succesrecept:

  1. Meng in een kom 600 g goeie tarwebloem – 330g water – 1 afgeplat theelepeltje gist – 12g zout – 200 g zuurdesemstarter.
  2. Kneed met de hand een tiental minuten of doe een vijftal minuten in de kneedmachine.
  3. Laat 3u rijzen op een warme plek met een vochtige handdoek erover. Ik doe dit in de oven op 40°.
  4. Kneed je brood opnieuw maar nu met wat meer zachtheid om niet alle bubbels eruit te slaan. Wil je tips om te kneden dan leert deze kerel je enorm veel.
  5. Leg het deeg nu in een rijsmandje en zet de hele nacht in de frigo op het bovenste schap (daar is het niet té koud).
  6. Verwarm ’s ochtends de oven voor op 240 graden. Kiep je brood in een Creusetpot met deksel en kerf het brood in. Ik gebruik een cloche en dat heeft hetzelfde effect.
  7. Zet het brood afgedekt 50 minuten in de oven. Verwijder het deksel en laat nog eens 10 minuten bakken op 210°.

Je weet dat je brood gaar is wanneer je er onderaan op tikt en het klinkt hol.

Mmmm. ‘k Ga mij een schelleke afsnijden.

 

 

Geplaatst in Brood, Veggie | 2 reacties

Chef’s Table in Oostakker

Ik ben een beetje verslaafd aan Chef’s Table en vergaap mij aan wat al die geportretteerde koks kunnen. Nog veel vaker zit ik groen van jaloezie te kijken naar de tuinen waar ze hun ingrediënten uit kunnen/mogen plukken.

Sinds een jaar heb ik ook zo’n tuin vol lokaal geteelde biologische pareltjes. Het Wijveld van boer Michiel en boer Dave. Nog geen seconde spijt van gehad.

Het droge voorjaar heeft ons wat langer doen wachten, maar nu is het zover. De zelfplukboerderij kleurt groen.

Manlief was de winter’plukker’. Prei uitsteken en bieten en kolen uit de tonnen halen gewapend met regenjas en laarzen, dat kan hij als de beste. Lekker duidelijk want het aanbod is wat beperkter en ik blij dat ik ondertussen thuis in de warmte een soepke kan opzetten dat hij nadien opeet. Win-win.

Vrouwlief (ik dus) covert de overdaad tijdens de andere seizoenen. Ik loop tussen het nieuwe lentegroen (rucola, frills, raapstelen, spinazie …), passeer de kolossen van bloemkolen en zie de babykoolrabi’s bijna zichtbaar groeien met hun worteltjes in de natte aarde en hun bolletje in de zon. Ik kan niet beschrijven hoe blij ik daarvan elke keer word.

Nu op het vuur: een lenterisotto met fijngesneden frills, rucola en raapsteel. Drie uur geleden nog op het veld, nu in de pot. Mmmmm. Verder deze week maak ik de bloemkoolsalade van Yotam en de Oosterse spinazie uit Thuiskomen van Dorien Knockaert.

 

Geplaatst in Veggie | Een reactie plaatsen

Liefde in een Libanese salade

Dit weekend kreeg ik de tofste madammen van Gent over de vloer. Een 25-tal. En dus trok ik mijn Libanese trukendoos nog eens open om mijn liefde te kanaliseren. Een aantal receptjes die ik leerde kennen tijdens een workshop Libanese Mezze van de Vegetarische Kookstudio staan dan steevast op het programma, maar ik haal ook altijd iets nieuws (of een geteste voltreffer) uit The Middle Eastern Vegetarian Cookbook van Salma Hage.

Deze keer: de graantjessalade met granaatappelpitjes en feta. In het originele recept wordt freekeh gebruikt, ik maakte het met parelspelt, het kan ook met parelgerst. Al die graantjes vind je in de biowinkel. Koop meteen een paar zakjes, want die graantjes zijn zo heerlijk en ze blijven lang goed in de berging.

Ingrediënten voor 4 als je het als maaltijd eet:

  • 200g freekeh, parelgerst of parelspelt
  • olijfolie
  • granaatappelmolasse (ik vond bij de Turk moerbeimolasse – bottomline: het moet mierzoet zijn)
  • 1 busseltje munt – gehakt
  • 1 busseltje peterselie – gehakt
  • 150 g gehakte walnoten (ik gebruikte zonnebloempitten – kies iets lokaal en lekker)
  • 200g feta
  • pitjes van 1 granaatappel

Hoe maak je dat?

  1. Kook de graantjes zoals op de verpakking staat aangegeven. Zorg dat ze nog wat beet hebben, giet ze af, laat uitdampen en afkoelen.
  2. Maak de dressing:
    • 3el olijfolie
    • de molasse
    • de helft van de munt
    • de helft van de peterselie
    • ferme snuif zout
  3. In een grote schaal/kom vermeng je de afgekoelde graantjes met de rest van de gehakte kruiden, de walnoten (of andere zaden of pitten of noten), feta en granaatappelpitjes en meng met liefde. Giet de dressing erover en meng nog eens.

Salma Hage suggereert ook een vegan versie waarbij je de feta vervangt door geroosterde paprikastukjes uit een bokaal.

Geplaatst in Groente, Salade, Veggie | Tags: | Een reactie plaatsen

Zelf seitan maken

Ik kocht een aantal jaar geleden Veganomicon van twee Amerikaanse madammen met kennis van zaken. Een absolute topper daaruit is het recept om seitan te maken. Ondertussen maak ik al mijn vroegere ‘gehaktgerechten’ met vermalen seitan. Het is veeeeeeeeel goedkoper dan de deftige winkelversies. De rubberen seitan van Boni komt hier al jaren niet meer op tafel.

Om seitan te maken heb je gluten nodig. Dat is nog niet zo makkelijk te vinden. Een paar adressen waar ik al gluten vond:
– op de verslavende webwinkel van Pit en Pit. Ik winkel er zelf haast niet meer omdat hun verzendingen vol nieuw papier en karton zit dat hier dan weggegooid wordt. In mijn gevecht tegen de verpakkingen is dat dus niet de meest logische optie.
– bij het Gents Bakkershuis hebben ze ook gluten. Maar die zijn nu naar Drongen verhuisd en da’s voor mij niet meer bij de deur.
– Mijn go-to-option zijn tegenwoordig de gluten van de Artemeersmolen in Poeke. Ook niet bij de deur, maar je kan er alles van hun (erg uitgebreide!!) aanbod bestellen laten leveren bij Akker en Ambacht in de Brugse Poort.

Zet alvast een pot water op een laag vuur met daarin een schepje bouillon en een geut sojasaus. 

Meng de droge ingrediënten: 

  • 225 g gluten
  • 3 el gistvlokken (bij biowinkels en ook bij Pit&Pit)

Meng in een aparte pot de natte ingrediënten:

  • 120ml bouillon (ik prefereer die van Rapunzel)
  • 60 ml sojasaus (de tamari of de soyu van Lima is de max)
  • 1 el olijfolie
  • 2 tenen look – geperst

Meng nu de natte ingrediënten onder de droge ingrediënten en meng met een houten lepel (zo heb je geen al te vuile handen), nadien neem je over met je handen en je kneed gedurende een minuut of drie om de gluten te activeren.

Rol je deeg in een dikke rol en verdeel in 6 stukken. Jij kiest of je er een bol van maakt of het in plakken houdt. 

Je bouillon zou ondertussen het kookpunt moeten naderen. Leg je stukken seitan erin en laat een uur sudderen op een laag vuur.

Het water mag niet koken, anders wordt de bouillon taai. 

Zet het vuur af en laat de seitan nog 15 minuten rusten.

Giet af, laat afkoelen en draai door de blender als je er seitangehakt van wil maken. 

Ik maak altijd massa’s en vries alles in. Ook de bouillon die na het koken overblijft vries ik in en die wordt de basis van mijn volgende soepkes.

Geplaatst in Seitan | Tags: | 7 reacties