De Vleesweek

Vorige zondag ging ik zoals gebruikelijk even zitten om het weekmenu te overpeinzen. Dat viel me dit keer wat zwaarder, want voor mij strekte zich een lange liefloze week uit. Het zou mijn huisgenoten worst wezen, want toen de enige veggie des huizes op maandag de deur achter zich sloot, brak De Vleesweek aan. Na ongeveer een half jaar (semi-)veggie eten en wekelijks de ‘donderdag Vleesdag’, konden ze zich nu eens helemaal laten gaan. Ik reconstrueer even de feiten.

Op maandag nam mijn zus de kookpotten van mij over om onze roots nog eens in de verf te zetten. Op tafel kwamen namelijk Dendermondse paardenworsten (klaargemaakt met de iets minder Dendermondse Guinness) met frieten, waarna ik naar Zellik trok om daar met opgeheven hoofd de Weekend Blog Awards mee te maken. Ik kwam terug zonder de hoofdprijs, maar wel met een maag die even was geschrokken van de verfijnde hapjes die op de hoop frieten in mijn maag werden gestapeld.

Op dinsdag had Laura de smaak te pakken en creëerde voor mij wat extra tijd door opnieuw te koken. Lief als ze voor zichzelf is, maakte ze haar favoriete kostje klaar: spinaziestoemp met (ambachtelijk gezouten) spek. Laura’s stoemp is nogal legendarisch omdat ze het erg goed kan vinden met de boter.

Woensdag ging het vleesfeest gewoon door. Toen wij vroeger thuis mochten kiezen wat er op tafel kwam, klonk het steevast in koor ‘kip met rijst en currysaus!’ Ondertussen is ‘KRC’ een begrip en besloot Laura het nog eens klaar te maken (ze was ondertussen ‘on a roll’). Dat de beenhouwer haar verkeerd had begrepen en haar drie dubbele kipfilets meegaf in plaats van drie enkele, werd hier thuis opgevat als een meevaller.

Donderdag kroop ik nog eens achter de potten. Op aanvraag maakte ik de ‘Tomato stew with meatballs and chorizo’ uit ‘Economy Gastronomy’. Van comfort food gesproken! De gehaktballetjes met komijn, de tomatensaus met gerookte paprikapoeder en venkel, de brokjes chorizo, … Alles in 1 pot en sudderen maar. Ik geef u onderaan even het recept, het ziet er naar uit dat u nog wel wat comfort food kan gebruiken.

Vanavond zetten we De Vleesweek nog even verder, dan schuiven we met wat madammen de voeten onder tafel bij Appelsveer en morgen is hij terug. Oef.

——————————————————————————————————————————————————–

INGREDIËNTEN VOOR 8

  • Een liter tomatensaus (Ik gooi daarvoor achtereenvolgens in 1pannetje: een royale geut olijfolie, 4 gesnipperde sjalotjes, 4 gesnipperde teentjes look, (even laten fruiten), 1 brik passata, 1 blik tomatenstukjes, een flinke snuif tijm en laat dat een half uurtje sudderen.
  •  1 venkel – in blokjes van 1cm
  • 4 wortelen – in blokjes van 1 cm
  • 2 rode paprika’s – in blokjes van 1 cm
  • 1 ui – grof gesnipperd
  • een dikke snuif cayennepeper
  • een groot glas rode wijn
  • 2 tl gerookte paprikapoeder (verkrijgbaar bij Dille en Kamille in schattige potjes)
  • 1 kg gemengd gehakt
  • 1 tl geplette venkelzaadjes – had ik niet in huis
  • 2 tl gemalen komijn
  • 1 grote pikante chorizoworst – in schijfjes
  • een blik witte bonen (400g) - niet in huis

BEREIDING

  1. Neem een grote pot met een dikke bodem. Zet op het vuur met een flinke scheut olijfolie. Gooi erin: de venkel, wortel, paprika, ajuin, cayenne. Laat zachtjes bakken, maar zorg dat de groenten niet bruin worden.
  2. Giet een glas wijn voor jezelf uit én eentje voor in je gerecht. Dat zal snel beginnen pruttelen!
  3. Giet er de tomatensaus bij en voeg de gerookte paprikapoeder toe. Laat maar wat sudderen op een laag vuurtje terwijl je de gehaktballen maakt.
  4. Vermeng het gehakt met de venkelzaadjes (eventueel) en de komijn. Voeg eventueel ook een ei en wat paneermeel toe. Ik vind dat dat beter rolt en lekkerder smaakt.
  5. Maak gehaktballen zo groot als een pingpongbal.
  6. Kies: ofwel bak je de balletjes eerst, ofwel gooi je ze er zo in. Bakken gaat sneller dan je denkt, want je moet ze maar gewoon even bruin bakken. Garen doen ze ín de pot.
  7. Gooi ook de chorizo erbij en laat nog een half uurtje sudderen zonder deksel.
  8. Gebruik je witte bonen uit blik, gooi ze dan net voor serveren in de pot en warm nog even door.

TIP: Maak de stoofpot een dag op voorhand, de volgende dag is hij nóg beter!

HOE SERVEREN: Ik maakte er couscous en bulghur bij. Omdat dat de restjes waren die nog in de kast stonden. En er zat ook nog een halve sla in de knappervers en een achteraan de koelkast vond ik nog een komkommer. Hoera!

Geplaatst in Gehakt, Groente, Stoofpot, Uit eten | Tags: | 1 reactie

Polentataart

Da’s een virale infectie, mevrouw. Veel rusten en over een dag of vier is dat uit uw lijf.

Na vier lange zeteldagen leek ik nog steeds op een uitgewrongen schotelvod, maar wel eentje met honger. En dus deed ik een poging om iets simpels in elkaar te flansen. In mijn nieuwe boekje ’500 vega gerechten’ van Deborah Gray deed de polentataart mij lekkerbekken. Dat het recept niet werd vergezeld van een foto, had mij toen al moeten alarmeren.

Vol goede moed ging ik aan de slag met gekarameliseerde uien (oooh jee, de geur van een zoete zonde!) en geroosterde paprika’s. Gelukkig was er ook deskundige hulp, want die dokter zat er toch ferm naast met zijn vier dagen. Dus commandeerde ik mijn hulpjes lustig rond en voor ik het wist was er polenta gekookt, waren de paprika’s ontdaan van hun vel en zagen de uien goudbruin.

Dat ik in al mijn eigengereidheid de hoeveelheid polenta en paprika’s verdubbelde en niet het geduld had om de taart helemaal af te laten koelen, heeft geen goed gedaan aan het finale resultaat… Uiteindelijk leek de taart op een bak voeder dat al eens gegeten was, maar wel van het uiterst smakelijke soort. Ik kan u vertellen dat de taartvorm tot op het laatste korreltje is leeggegeten. En van de heerlijke perencake van mevrouw Jonge Sla bleef slechts een piepklein spietje over.

Laat ons zeggen dat de taart enorm veel potentieel heeft. ‘t Zal niet lang duren voor ze hier weer op tafel staat. Maar een volgende keer houd ik me mooi aan het recept. Of ik doe een poging…

Ingrediënten voor 3 à 4 personen (Volgens het boekje voor 6, maar ‘tarara’)

  • 1 rode paprika, in 4 en zonder zaad
  • 1 gele paprika, in 4 en zonder zaad
  • olijfolie
  • klont boter
  • 3 grote uien, in dunne ringen
  • 3 el balsamicoazijn
  • 1 el ruwe rietsuiker
  • 2 laurierblaadjes
  • zeezout en zwarte peper
  • 2 el gehakte verse peterselie (vervangen door een dik handvol basilicum)
  • 1 el gehakte verse tijm (ferm gestrooid met de gedroogde, werkt ook)
  • 175 g polenta

Voor de topping (Heerlijk toch, Engelse kookboekjes vertaald naar het Nederlands!)

  • 75 ml tomatensaus (ik gebruikte passata)
  • 2 el room
  • 2 tl voedingsgist (raar é?)
  • 1 tl paprikapoeder (ik gebruikte zeker meer)
  • snufje chilivlokken (ik gebruikte veel cayenne)
  • zout en zwarte peper

BEREIDING

  1. Rooster de paprika’s zwart onder de gril. Laat ze even afkoelen en pel het vel eraf. Snijd ze in repen en leg ze dan opzij.
  2. Verhit een geut olijfolie samen met de klont boter en fruit de uien in een minuut of 5 zacht. Zet dan het vuur lager en voeg dan azijn, suiker en laurier toe. Stoof alles tot de uien echt goudbruin gebakken zijn (duurt ongeveer 20 minuten). Verwijder de laurierblaadjes en kruid bij met peper en zout.
  3. Verwarm de oven voor op 200°C.
  4. Kook de polenta gaar volgens de aanwijzingen op de verpakking.
  5. Meng de paprika’s, uien, peterselie (of basilicum) en tijm door de warme polenta en voeg zo nodig nog wat zout en peper toe.
  6. Vet een ronde taartvorm van 23 cm in met olie.
  7. Druk het polentamengsel in de vorm en laat het afkoelen. Cruciaal!
  8. Meng de ingrediënten voor de topping en verdeel het mengsel  over de polenta. Bak het gerecht 20 minuten op 190°C of tot de bovenkant bruin is.

En als het gepermitteerd is, ga ik nu nog een beetje pompaf liggen wezen. Smakelijk!

Geplaatst in Groente, Veggie | Tags: | Een reactie plaatsen

Nominatie Weekend Blog Awards

Ik denk dat ik stiekem toch een beetje blij ben.

Ik weet natuurlijk wel dat Weekend Knack die ‘Blog Awards’ vooral organiseert om meer hits te krijgen op hun eigen website. Dat het een reclamestunt is, eerder dan een eerbetoon aan  bloggend België. Ik weet dat ik keihard aan het cliché beantwoord (“Mijn mama heeft mij ingeschreven, ik wist van niks!”). Ik weet dat er veel rommel te lezen is op ‘het net’ en dat je dan snel aan 3000 blogs zit waaruit geselecteerd moest worden. Ik weet dat het allemaal snel hier op begint te lijken.

En toch ben ik blij dat mijn schrijfsels eerder bij het koren dan bij het kaf horen. Zoveel fierheid mag een mens toch wel hebben, vind ik.

 

 

Geplaatst in Volk over de vloer | 2 reacties

Belgisch klassiek én vegetarisch

Tien dagen. Zo lang zijn we de hort op geweest met de fiets. We fietsten naar Basel in Zwitserland, vaak in de zon en soms in de sneeuw. En u denkt nu ‘wow’ en ‘jeetje’ en hoe zot dat het is om zo door den Elzas te fietsen. Bergop en bergaf en “‘t Was toch fris voor april é?”

Allemaal goed en wel, maar niets van dat alles was schokkend voor mij. Been there, done that. Ik was niet aan mijn proefstuk toe. We hebben trouwens met volle teugen genoten, laat daar geen misverstand over bestaan.

Wat wel nieuw was, dames en heren, was een fietsreis ‘op z’n vegetarisch’. Ik kan u melden: den boerenbuiten in Frankrijk en Duitsland is niet klaar voor een vleesloos dieet. We werden meermaals aangestaard als waren wij marsmannetjes op expeditie (en een fietstenue helpt daar niet bij).

“Kein Fleisch?”
We schudden het hoofd.
En dan die meewarige en ongelovige blik. En nog eens voor de zekerheid: “Sie essen kein Fleisch?”
Waarop ons dit wordt aangewezen als enige optie:

U kan zich voorstellen dat wij na een hoop ‘Käsespätzle’ (ga maar eens van google image spelen als u durft) en erg veel brood met kaas, behoefte hadden aan een bord Belgische eten en dan liefst met enorm veel verse groenten.

Een duik in ‘Donderdag Veggiedag’ later had ik precies gevonden waaraan ik behoefte had. Deze ovenschotel is één brok Belgische huiselijkheid en ik kan me haast niet voorstellen dat iemand er zijn neus voor zou ophalen.

Toegegeven, je hebt aardig wat potten nodig om deze ovenschotel te bereiden, maar ‘t is de moeite waard. Als je voldoende klaarmaakt, kan je er twee keer van eten! En bovendien kan je afwassen terwijl de smaken in de oven nog een half uurtje vermengen. Het blijft een win-winsituatie.

Ik noteer hier de ingrediënten uit het recept, maar met de hoeveelheden van deze stoofpot kan je foefelen zoveel je wil, je kiest gewoon wat meer van wat je lekker vindt. Ik durf wedden dat die vork in uw mond zal vliegen en u net als wij zal denken: “Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.”

INGREDIËNTEN

  • 500 g aardappelen
  • 500 g wortelen
  • 1 ui
  • 1 teentje knoflook (dat werden er twee bij mij)
  • 250 g champignons (verdubbeld want mjam!)
  • 250 g quorngehakt (gesneuveld bij mij)
  • 1 el sojasaus (of gewoon een dikke geut)
  • 800 g prei
  • 2.5 dl (soja)room
  • 1/2 koffielepel Provençaalse kruiden (of een tikkel meer)
  • nootmuskaat
  • peper en zout

BEREIDING

Hier heb ik toch wat dingen aangepast.

  1. Schil de aardappelen en wortelen en snijd ze in grove stukken. Kook ze afzonderlijk gaar. Ik stoomde de wortelen, dat gaat lekker snel.
  2. Pel en snipper intussen de ui en de knoflook. Reinig de champignons en snijd ze in schijfjes. Ik wil mijn champignons nog herkennen in de ovenschotel en ik ben een grote fan, dus gaan die kleine champies gewoon in twee.
  3. Hier wijkt mijn werkwijze wat af van die van Miki en Kristin. Ik bak eerst de champignons goudbruin in flink wat boter in verschillende porties. Don’t crowd the mushrooms blijft een ongelooflijk belangrijk devies. De gebakken champignons zet ik even apart. Wanneer ze allemaal gebakken zijn, gooi ik ze terug in de pan, bak er de ui en knoflook bij en overgiet dan met een flinke scheut sojasaus. Nog even laten pruttelen en opzij zetten. Wie quorn toevoegt, bakt die net na de champignons en gooit het goedje dan samen met de rest terug in de pan.
  4. Verwarm de oven voor op 180°C.
  5. Snijd de prei in kleine stukjes en stoof ze afzonderlijk in wat olie gedurende tien minuten. Roer er wat meer dan de helft van de room door, kruid met peper en zout en de Provençaalse kruiden. In het oorspronkelijke recept gaan deze kruiden bij de champignons, maar ik heb ze liever in de prei. ‘t Is waarschijnlijk maar een gedacht, hoor. Zorg dat de prei helemaal zacht is.
  6. Verdeel het champignonmengsel over de bodem van een ovenschaal. Leg de prei er bovenop.
  7. Maak een puree door de worteltjes en de aardappelen fijn te stampen met de rest van de room. Kruid met nootmuskaat, peper en zout en bedek de prei met de wortelpuree.
  8. Zet de schotel 30 minuten in de oven.
  9. Doe snel die afwas, want gegarandeerd zal u té veel van de ovenschotel eten en dan geen poot meer willen verzetten. Watch my words.
Geplaatst in Groente, Stoofpot, Veggie | Tags: | Een reactie plaatsen

Zoete aardappelkoekjes

Ik wilde gisteren veggie koken. En veel verschillende dingen. En ik had eigenlijk geen tijd. U weet hoe dat gaat. Of niet. Dat doet er eigenlijk niet toe.

Ons vader zou een hoop prei brengen, want de winterprei moet uit de grond om plaats te maken voor vers groen. Hoezeeeeee! Dat hij hier niet is geraakt, was geen ramp. In de winkel hadden ze ook nog prei. Niet half zo lekker als die van ons vader, uiteraard, maar hij volstond. Ik had ook nog een zakje zoete aardappel liggen. En nu wil het toch wel lukken dat Yotam Ottolenghi zowel preikoekjes als zoete aardappelkoekjes in zijn boek staan heeft, zeker?

Ik besloot om ze allebei te maken, samen met het heerlijke sausje dat erbij hoort én ik stak ook nog wat overtollige zoete aardappelpartjes (snijd hem in 8 maantjes) in de oven met wat fleur de sel en eens snuifje gemalen koriander en wat olijfolie. Als ik u nu ook nog vertel dat je die 25 minuten bakt op 210°, dan bent u weer een receptje rijker. Eentje om duimen en vingers bij af te likken, zelfs!

Dus: preikoekjes, aardappelkoekjes, sausje, sweet potato wedges, twee geadopteerde pastinaken (die ik in de echte boter had gestoofd) en salade met truffelolie en witte wijnazijn. Fijne maaltijd was dat.

Hier zijn de ‘sweet potato cakes’:

INGREDIENTEN:

  • 1 kg geschilde zoete aardappelen in grote stukken gesneden
  • 2 tl sojasaus
  • 100 g gewone bloem
  • 1 tl zout
  • 1/2 tl rietsuiker
  • 3 el gehakte pijpajuin = lente-ui = bosui (wie meer wil weten klikt hier maar eens en zo nauw steekt dat allemaal niet)
  • 1/2 tl fijngehakte rode chilipeper
  • een hoop boter om in te bakken

BEREIDING

  1. Stoom de zoete aardappels tot ze helemaal zacht zijn. Bij Dille en Kamille kocht ik eens zo’n handige stoominzet.
  2. Laat ze lekker uitlekken in de stoominzet of in een vergiet tot ze droog zijn (ongeveer een uurtje).
  3. Doe de aardappels in een kom, voeg de resterende ingrediënten toe (uitgezonderd de boter) en vermeng alles. Gebruik je handen en voel het ‘modderkoekjes-maken-in-de-zandbak-gevoel’ terug opborrelen! NIET MIXEN!
  4. Als je mengsel een plakkerige boel is: goe bezig! Als je mengsel echt nog van je vingers loopt: voeg wat bloem toe.
  5. Smelt wat boter in een koekenpan en je zal zien dat je soeplepeltjes deeg meteen in een koekje veranderen. Draai om en duw ze maar goed plat. Na een paar minuten zijn ze klaar!
Geplaatst in Groente, Hapje, Saus, Veggie | Tags: | Een reactie plaatsen

Guacamole

Dit fijn filmpje ontdekte ik dankzij een tweet van Eva Mouton:

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Appelcrumble

‘t Is ondertussen al zeker anderhalf jaar geleden dat een paar geweldige vriendinnetjes me het boek ‘Great British Food‘ cadeau deden van de koks van Canteen in London. Dat was goed gekozen en eigenlijk helemaal niet zo moeilijk.  Ik had zeker een half uur met een dwaze glimlach in dat boek staan bladeren. Echt, die foto’s zijn geweldig! Foto’s nemen van opgezette vogels en er toch voor zorgen dat de taart die ernaast staat ongelooflijk lekker oogt, je moet het maar doen!

Anyhow, ik moest vorige week nog een dessert hebben om aan het eind van een mooi menu te plaatsen. Ik vind dat altijd behoorlijk moeilijk. Het mag niet te zwaar zijn, maar toch substantieel. Het mag niet te romig zijn, maar wel vol van smaak. Ik vind dat de appelcrumble daar een mooi evenwicht vormt. En wil het nu toch wel lukken dat er in mijn klein fijn kookboekje ook het recept voor een crumble staat én dat ik dat nog nooit eerder uitprobeerde! Ik kreeg in het boek ook de tip om de crumble te serveren met zelfgemaakte custard en dat zou dan voor het extra feestelijke toetsje zorgen.

Dat ik in mijn zeven haasten de suiker bij de appels vergat te voegen, heeft (denk ik) geen van de gasten opgemerkt. Ikzelf realiseerde me het zelfs pas de dag nadien en het beet toch in mijn gat! Dus: dinsdag herkansing van de crumble met het restje custard uit de frigo.

Dames en heren: winner van formaat. Die bubbelende crumble met die koude custard is een klassieke combo en niets nieuws onder de zon en ik wil het warm water niet opnieuw uitvinden, en… MAAR: deze verhoudingen zijn zó perfect dat ik op mijn communiezieltje beloof dat ik nooit nog een andere appelcrumble maak. En dat ik ga lunchen in Canteen wanneer ik in Londen ben. Dat beloof ik ook.

Aan de slag!

INGREDIENTEN CRUMBLE

  • 1 kg appels (geen groene natuurlijk)
  • 175 g rietsuiker (Tip van het lief én een winner gebleken: voeg wat vanillesuiker toe. Veel is niet genoeg, dus ik voegde 2 zakjes vanillesuiker toe en nam dan ook maar 160 g rietsuiker)
  • een snuifje gemalen kaneel voor de liefhebbers (niet ik)

Voor de crumblelaag:

  • 375 g witte bloem
  • een snufje zout
  • 120 g rietsuiker 
  • 190 g koude melkerijboter, in blokjes gesneden

BEREIDING

  1. Bereid de crumblelaag door bloem, suiker en zout te vermengen in een kom. Voeg de boterblokjes toe en vermeng. Wrijf dan de blokjes boter stuk tussen je vingers zodat je een soort van dikke zandkorrels krijgt.
  2. Verwarm de oven voor op 160°C.
  3. Schil de appels, snijd ze in kwarten en verwijder de klokhuizen. Snijd ze in dikke sneetjes van ongeveer 1 cm. Als je ze dunner snijdt, heb je aan het eind eerder confituur. Ik vind het fijn als je de appel nog kan proeven.
  4. Vermeng de appelschijfjes met 150 g van de suikermengeling (en de kaneel als je die gebruikt).
  5. Giet de appels in een ovenschaal en bedek met de crumble. Besprenkel die laag dan met de resterende 25 g van de suikermengeling.
  6. Bak de crumble 40 minuten of tot hij goud kleurt en bubbelt langs de randjes.
  7. Serveer met een kan custard!

INGREDIENTEN CUSTARD

  • 750 ml volle melk
  • 250 ml dubbele room (ik nam gewone room)
  • 1 vanillestokje, in de lengte opengesneden
  • 3 eierdooiers
  • 60 g rietsuiker
  • 25 g bloem

BEREIDING CUSTARD

  1. Verwarm in een pan de melk, room en het vanillestokje en breng aan de kook.
  2. Vermeng in een andere pot de eierdooiers, suiker en bloem.
  3. Giet de kokende vloeistof over het mengsel en roer goed.
  4. Giet het geheel nu terug over in een propere pan (al die vuile pannen zijn het écht wel waard!) en verwarm opnieuw terwijl je roert. De custard wordt nu dikker.
  5. Verwijder het vanillestokje voor je de custard opdient.
Geplaatst in Dessert | Tags: | Een reactie plaatsen